015/63.52.70 info@argoshombeek.be

Sterilisatie van de teef

Een sterilisatie van een teefje geeft veel medische voordelen. Indien u niet van plan bent om de teef een nestje te laten krijgen raden wij daarom aan om de teef te laten steriliseren. Hoe vroeger u deze sterilisatie laat uitvoeren hoe meer medische voordelen er voor uw teef mee te behalen zijn. Ideaal gezien wordt uw teefje vóór de eerste loopsheid gesteriliseerd. Kleine hondenrassen worden voor het eerst loops op ongeveer 6 maanden. Bij grote hondenrassen kan de eerste loopsheid soms pas op 12 maanden of zelfs later gezien worden.
Wij raden u daarom aan om uw teefje te laten steriliseren op de leeftijd van 5 à 6 maanden. Bij jonge teefjes kunnen enkel de eierstokken (ovariectomie) weggenomen worden. Bij oudere teefjes wordt meestal ook de baarmoeder mee weggenomen (ovariohysterectomie).

Teven worden beter niet gesteriliseerd op het moment dat ze loops zijn. Tijdens de loopsheid zijn de baarmoeder en eierstokken namelijk meer doorbloed en bestaat er een grote kans dat de teef na de sterilisatie schijndrachtig zal worden. We wachten daarom tot 2 maanden na de loopsheid voordat we de teef steriliseren. De eierstokken en baarmoeder zijn dan in een inactief stadium en zijn minder doorbloed. De operatie kan zo vlotter verlopen.

De voordelen

  • Een kleinere kans op het ontwikkelen van melkkliertumoren.
    • De kans op het ontwikkelen van melkkliertumoren is:
      • 0,05% indien de teef werd gesteriliseerd vóór de eerste loopsheid
      • 8% indien de teef werd gesteriliseerd tussen de eerste en tweede loopsheid
      • 26% indien de teef niet of pas na de tweede loopsheid wordt gesteriliseerd.
    • De kans op het ontwikkelen van een melkkliertumor voor een teef die vóór de eerste loopsheid werd gesteriliseerd is dus 520x kleiner dan de kans voor een teefje dat niet werd gesteriliseerd!
    • In sommige studies wordt vermeld dat zelfs tot de leeftijd van 9 jaar een sterilisatie nog kan zorgen voor een kleinere kans op het ontwikkelen van melkkliertumoren. Percentages worden hierbij niet genoemd.
  • Geen last meer van de loopsheid zelf (bloedverlies, gedragsproblemen van teef zelf of van reuen in de buurt)
  • Geen last meer van de schijndracht (gedragsveranderingen, bouwen van een nest, melkproductie)
  • Geen kans meer op een baarmoederontsteking (pyometra)
  • Geen kans meer op tumoren (en cystes) van de eierstokken en baarmoeder.
  • De kans op suikerziekte wordt kleiner

De nadelen

  • Het energieverbruik van een gesteriliseerd teefje ligt lager dan dat van een niet-gesteriliseerde teef, terwijl de eetlust vaak wat groter wordt. Op zich is dit geen probleem maar dit betekent natuurlijk wel dat een gesteriliseerd teefje te dik (obees) zal worden wanneer ze dezelfde hoeveelheid voedsel blijft opnemen. Om te voorkomen dat de teef te dik wordt zal de hoeveelheid voer wat beperkt moeten worden (tot zelfs 30% minder) of er moet overgeschakeld worden naar een voer speciaal voor gesteriliseerde teven. Deze voeding kan u bij ons verkrijgen.
  • Na de sterilisatie (soms pas vele jaren na de sterilisatie) ontstaat er bij sommige teven incontinentie (onvrijwillig urineverlies). Dit type incontinentie wordt SMI (sphincter mechanisme incontinentie) genoemd. Teven van de grotere rassen hebben hierop een grotere kans. Bij dit type incontinentie wordt vaak gezien dat er een klein urineplasje ligt op de plaats waar de hond lang gelegen heeft. Deze incontinentie is in het overgrote deel van de patiënten perfect te behandelen met medicatie.
  • De vacht van de langharige rassen kan soms wat veranderen (pluiziger, krulliger).

Hoe gaat het in zijn werk?

Een sterilisatie gebeurt op afspraak. Uw hond dient nuchter te zijn op het moment dat de sterilisatie plaatsvindt. Meestal zal de sterilisatie bij ons ’s morgens ingepland worden. De avond voordien mag de hond nog eten, daarna neemt u de etensbak weg. De drinkbak mag blijven staan.

U komt met de hond op het afgesproken tijdstip. Ze wordt dan nog even algemeen nagekeken en het hartje wordt gecontroleerd. Als alles in orde is krijgt de hond een katheter in haar pootje en krijgt ze de eerste verdovingsprodukten toegediend. U mag bij de hond blijven tot ze slaapt.
Als de hond slaapt wordt er en tube in de luchtpijp geplaatst en krijgt ze via deze weg zuurstof en verdovingsgas gedurende de operatie. Ze wordt eveneens aan een apparaat gekoppeld om de ademhaling en hartslag op te volgen en er wordt een infuus aangesloten.

De hond mag de middag of avond (wat voor u het beste past) na de operatie weer naar huis. De hond hoeft hier dus zeker geen dag te blijven!
Bij ons krijgt de hond een ontstekingsremmer (werkt ook pijnstillend) en antibiotica. U hoeft nadien zelf geen medicatie meer te geven.

steriteefkl

De huid wordt intradermaal gehecht. Dit betekent dat alle hechtingen in de huid verstopt zitten. Dit zorgt ervoor dat de hond vrijwel nooit overdreven veel aan de operatiewonde likt en daarom hoeft de teef geen kraag of T-shirt te dragen na de operatie (om de wonde te beschermen). De hechtdraad lost uit zichzelf op en er hoeven dus geen hechtingen verwijderd te worden. Indien alle nazorg netjes verloopt hoeft er geen controlebezoek te gebeuren tenzij u toch graag even de hond komt laten controleren (uiteraard is dit een gratis controlebezoek).